ARTIKEL · internationaal

EU-Hof verplicht lidstaten tot erkenning geslachtswijziging bij vrij verkeer

In de zaak Shipova (C-43/24) besliste het Hof van Justitie van de EU op 12 maart 2026 dat lidstaten de geslachtsregistratie van burgers die gebruikmaken van vrij verkeer moeten aanpassen aan hun 'beleefde geslacht' — ook als de nationale wet daar geen ruimte voor biedt.

Lidstaten van de Europese Unie moeten de geslachtsregistratie van hun burgers aanpassen zodra die burger gebruikmaakt van het recht op vrij verkeer — ook als de eigen wet van het land van herkomst zo'n wijziging niet toestaat. Dat besliste het Hof van Justitie van de EU op 12 maart 2026 in de zaak Shipova (C-43/24). Het is de zoveelste stap waarbij zelfidentificatie niet via een democratisch wetgevingsproces wordt binnengehaald, maar via de band van Europese rechtspraak.

De zaak: een Bulgaarse burger in Italië

De zaak draait om een Bulgaarse staatsburger die bij geboorte als man werd geregistreerd en na een verhuizing naar Italië hormoonbehandeling onderging. De discrepantie tussen het uiterlijk van de betrokkene en het geslacht op de Bulgaarse identiteitsdocumenten leidde tot praktische problemen in het dagelijks leven — bij de bank, op het werk, bij overheidsloketten. Bulgarije bood geen wettelijke procedure om geslacht, voornaam of het nationale identificatienummer in de burgerlijke stand aan te passen. De zaak kwam voor het Hof via een verzoek om uitlegging van EU-recht.

Wat het Hof besliste

Volgens een analyse van het Europese privaatrecht-platform EAPIL (18 maart 2026) oordeelde het Hof dat artikel 21 van het Verdrag betreffende de werking van de EU, gelezen samen met artikel 4(3) van Richtlijn 2004/38 en artikel 7 van het Handvest van de grondrechten, zich verzet tegen nationale wetgeving die een burger die zijn recht op vrij verkeer heeft uitgeoefend, niet toestaat geslachtsgegevens — geslacht, voornaam, patroniem, achternaam en persoonlijk identificatienummer — in de burgerlijke stand te wijzigen. Lidstaten moeten dus een functionerende procedure voor juridische geslachtserkenning hebben, gebaseerd op wat het Hof het 'beleefde geslacht' (lived gender) van de burger noemt.

Belangenorganisaties ILGA-Europe en TGEU noemden de uitspraak in een gezamenlijke verklaring "landmark" en stelden dat drie lidstaten — Hongarije, Bulgarije en Slowakije — via wetgeving, rechterlijke uitspraken of grondwetswijziging elke vorm van juridische geslachtserkenning onmogelijk hebben gemaakt, en dat die praktijk nu op de helling staat.

Fileren: wat hier niet klopt

Het Hof gebruikt in de motivering geen medische of biologische maatstaf, maar spreekt consequent over het 'beleefde geslacht' — een zelfopgave van de betrokkene, zonder eis van diagnose, behandeling of medische onderbouwing. Daarmee verplicht het Hof lidstaten materieel tot een vorm van zelfidentificatie, terwijl geen enkel EU-verdrag geslachtsregistratie als beleidsterrein aan Brussel heeft overgedragen. De constructie loopt via het recht op vrij verkeer: omdat de betrokkene ooit in een andere lidstaat heeft gewoond, wordt een zaak die in wezen over de inrichting van de eigen burgerlijke stand gaat, een EU-aangelegenheid. Brussels Signal wees er in maart 2026 op dat dit lidstaten dwingt hun burgerlijke stand aan te passen ook als de nationale wet dat uitdrukkelijk verbiedt — een directe inbreuk op de bevoegdheid die lidstaten volgens de verdragen op dit terrein hebben. Hungarian Conservative sprak van "judicial overreach": een rechter die beleid maakt waar de wetgever bewust geen ruimte voor bood.

Dat spanningsveld is niet nieuw: de LGBTIQ+ Equality Strategy 2026-2030 van de Europese Commissie stuurt al in dezelfde richting via beleid; deze uitspraak doet het via rechtspraak, wat lidstaten minder ruimte laat om er via het parlement een democratisch debat over te voeren.

Wat dit voor Nederland betekent

Nederland heeft al een wettelijke procedure om de geslachtsvermelding in de geboorteakte te wijzigen, dus de directe impact hier is beperkt. Relevanter is het precedent: als het Hof via vrij verkeer een verplichting tot erkenning van zelfopgave kan afdwingen bij landen zonder procedure, ligt de vraag voor de hand of bestaande drempels in landen die wél een procedure kennen — zoals een deskundigenverklaring — op termijn via hetzelfde EU-recht onder druk komen te staan. Vergelijkbare spanning tussen zelfidentificatie en rechterlijke toetsing speelde eerder dit jaar in India, waar het Hooggerechtshof een medische keuring juist liet staan in plaats van zelfidentificatie — een tegenovergestelde beweging op een ander continent.

Bronnen

EAPIL (European Association of Private International Law), "CJEU: Free Movement and Legal Gender in Shipova (C-43/24)", 18 maart 2026. eapil.org

ILGA-Europe & TGEU, gezamenlijke verklaring "Landmark CJEU ruling demands Member States to ensure legal gender recognition to guarantee freedom of movement", maart 2026. ilga-europe.org

Brussels Signal, "ECJ says member states must change gender of citizens even if national laws forbid it", maart 2026. brusselssignal.eu

Hungarian Conservative, "Controversial CJEU Ruling Pushes Gender Recognition on Member States", maart 2026. hungarianconservative.com

Saskia Weijermars

Saskia Weijermars

Redactie

Veelgestelde vragen

BRON

zelfidentificatie.nl

Verder lezen

Alle artikelen →